kaft dagboek c habrakenDE INVASIE IN NEDERLAND 1944

Maandag 30 Oktober 1944

Het is vanmorgen een kouden guren noorden wind. Het nadert reeds Allerheiligen.

We gaan de winter in. Ik hoop echter dat het geen koude en strenge winter wordt, nu de oorlog over ons land woedt; en nu er zo veel mensen dakloos zijn. Bovendien is de voedsel en brandstof voorziening zeer schaars. Ik heb vandaag sinds een week of zeven geleden weer een flinke partij Boter gemaakt. Het rantsoen boter dat we krijgen toegewezen is echter zeer laag, n.l. maar 125 gram in de veertien dagen. Het militaire verkeer op den weg wordt nu iets minder.

Er komen nu verschillende wagens en karren over den weg met huisraad die weer naar hun woningen teruggaan. Maar ook mensen die hun huis kwijt zijn en die met het geen ze nog over hebben hun intrek nemen bij famillie leden of vrienden.

Ik zie ook een man met vrouw en kinderen uit Den Bosch hier voorbij komen. Ze zijn hun huis kwijt, en hebben alleen nog een paar dekens op den rug en een koffertje met het hoog noodige er in voor de kinderen, die verkleumd van de kou en ondervoeding, in elkaar gedoken aan de hand van vader en Moeder loopen.

Ik hoor dat Breda ook vrij is. Bij Deurne zijn de Duitsers weer opgedrongen van uit de Peel. De Engelschen zullen echter den aanval wel weten af te slaan. 's-Avonds nog even naar Marie geweest. Vele mensen zijn hier in het dorp weer aan de opbouw bezig van de kapotte huizen.

Plaats reactie